Onze Viktor Wennström sprak met Siddharth Prakash, Oeko-Institut, over de rol die ecolabels en duurzaam inkopen kunnen spelen bij de ontwikkeling van duurzamere IT-producten.

Siddharth Prakash is senior onderzoeker bij het Oeko-Institut in Duitsland, gespecialiseerd in beleid en instrumenten voor duurzame consumptie en productie. Hij heeft verschillende rapporten gepubliceerd over IT en duurzame consumptie, en heeft zijn expertise geleverd bij de ontwikkeling van criteria voor vele type-1 milieukeuren wereldwijd, zoals de Duitse Blauwe Engel, de EU-milieukeur, en het Thaise Groene Label. Hij houdt zich ook bezig met het beleid en de uitvoering van groene overheidsopdrachten, met name in Zuidoost-Azië.

Viktor Wennström is momenteel druk bezig met het ontwikkelen van criteria voor de volgende generatie van TCO Certified die in 2021 zal worden gelanceerd. Hij is ook verantwoordelijk voor de kwaliteitsborging van de verificatiesystemen van de certificering, en zorgt ervoor dat de testmethoden en beoordelingen nauwkeurig en vergelijkbaar zijn. Hier spreekt hij met Siddharth Prakash over de toekomst van duurzame IT-producten.

Viktor: Siddharth, je bent al meer dan 20 jaar betrokken bij duurzaamheid en IT. Hoe komt het dat je dit de focus van je carrière hebt gemaakt?

Siddharth: Ik denk dat de Earth Summit in Rio 1992 voor mij een keerpunt was. Ik was toen 14 jaar oud en was verbaasd over de omvang van de milieuschade die er aan de gang was. Een paar jaar later besloot ik milieubescherming te gaan studeren aan de universiteit. Sindsdien heb ik 12 jaar bij het Oeko-Institut gewerkt, waar ik politieke besluitvormers, bedrijven en consumenten- en milieuorganisaties over de hele wereld van advies heb gediend. Het was tijdens mijn werk in het kader van de ecodesignrichtlijn van de EU dat ik een diep inzicht kreeg in de milieueffecten van IT-producten.

Viktor: Wat zijn volgens u op dit moment de meest urgente duurzaamheidskwesties als het gaat om IT-producten?

Siddharth: Het is de extreem korte gebruikstijd van onze IT-producten. Het merendeel van de milieueffecten van IT-producten, waaronder de uitstoot van broeikasgassen, wordt uitgestoten in de productiefase. Als je de levenscyclus van een IT-product analyseert, zie je dat een meerderheid van de broeikasgasemissies zogenaamde 'scope 3-emissies' zijn, wat betekent dat ze worden uitgestoten in de toeleveringsketen. Naarmate IT-producten energie-efficiënter worden, mede dankzij het regelgevingskader van de ecodesignrichtlijn van de EU, heeft de fabricage een veel grotere impact dan de gebruiksfase. Andere aspecten zijn het verbruik van hulpbronnen, gevaarlijke stoffen en e-afval. Dit zijn grote problemen. Ik heb veel samengewerkt met de informele sector in Afrika en Azië op het gebied van e-afval, en ik heb gezien met wat voor problemen zij te maken hebben bij het recyclen en verwijderen van IT-apparatuur. Wanneer bijvoorbeeld kabels met broomhoudende vlamvertragers worden verbrand om er koper uit te halen, komen er uiterst schadelijke dioxines en furanen vrij.

Viktor: Wat moet er gebeuren om de IT-industrie meer circulair en duurzaam te maken?

Siddharth: We moeten ons meer richten op de ontwerp- en productiefase. In een circulaire economie wil je duurzame producten die zo veel mogelijk gerepareerd en hergebruikt kunnen worden. Je hebt componenten van hoge kwaliteit nodig en een modulair ontwerp waarbij de batterij en andere onderdelen eruit kunnen worden gehaald zonder het product te vernietigen.

U moet ook bewust omgaan met materiaalkeuzes. Door bijvoorbeeld de verscheidenheid aan soorten plastic in een product te beperken, bepaalde coatings op plastic te vermijden en giftige stoffen niet in materialen op te nemen, kunnen de recyclingpercentages worden verbeterd.

Viktor: Wat mij opvalt is dat de kennis er is, en in veel gevallen ook de methoden om verbeteringen aan te brengen. Hoe kunnen we verandering versnellen?

Siddharth: Ik denk dat de marktvraag een belangrijke sleutel is. Met de omvang van hun investeringsvolumes is de koopkracht van openbare aanbesteders aanzienlijk. Ik denk dat het hefboomeffect dat ze hebben erin ligt fabrikanten en dienstverleners te vragen producten aan te bieden die herstelbaar en herbruikbaar zijn, met een minimale kwaliteit en een minimale levensduur.

Viktor: Wat is uw mening over ecolabels en duurzaamheidscertificeringen en welke rol kunnen zij spelen bij de ontwikkeling van duurzaamheid?

Siddharth: Als je milieukeuren combineert met overheidsopdrachten, kun je de sector echt in de goede richting duwen. De EU-richtlijnen inzake overheidsopdrachten (2004/18/EG en Richtlijn 2004/17/EG) staan het gebruik van milieukeuren toe als een bron van milieucriteria voor specificaties, als een vorm van verificatie, en in de gunningsfase. In technische specificaties kunt u dus bijvoorbeeld vragen dat alle notebooks voldoen aan de duurzaamheidscriteria in TCO Certified voor notebooks, of specificeren dat producten met TCO Certified voor notebooks worden geacht aan de vereisten te voldoen. Natuurlijk moeten ook andere geschikte en betrouwbare bewijsmiddelen worden aanvaard.

Milieukeuren spelen een belangrijke rol door aan te tonen dat het mogelijk is bepaalde normen te bereiken en door beleidsmakers indicatoren aan te reiken over hoe die waarden over een langere periode kunnen worden nagestreefd, bijvoorbeeld de ontwikkeling van verplichte minimumnormen. Milieukeurcriteria worden niet zomaar uit het niets ontwikkeld - zij zijn gebaseerd op de levenscyclusbenadering en een analyse van de technologie en de markt. Dit betekent dat zij het potentieel laten zien van de beste beschikbare technologieën op de markt. Het marktaandeel van deze producten is misschien niet erg groot, maar toch hebben milieukeuren deze aanpak om de markt in de richting van ambitieuzere doelstellingen te duwen.

Ook hier geldt echter dat milieukeuren als op zichzelf staande instrumenten geen wezenlijke verandering teweeg kunnen brengen, maar wanneer zij door openbare aanbesteders worden gebruikt, kunnen zij een aanzienlijk effect hebben.

Viktor: Tot slot, in een circulaire wereld, hoe lang denkt u dat het redelijk is dat een notitieboekje meegaat?

Siddharth: Een minimum eerste gebruik van zes jaar is absoluut mogelijk vanuit het perspectief van de huidige stand van de technologie. Daarna moeten ze professioneel worden opgeknapt en worden gekanaliseerd voor tweedehandsgebruik. Bij de aankoop van nieuwe apparatuur moet je altijd inschatten of de apparatuur in de komende jaren nog aan je prestatie-eisen zal voldoen. Anders zult u het product uiteindelijk moeten vervangen voordat het zijn technische levensduur heeft bereikt. Om een langer gebruik te garanderen, kunt u ook een minimale garantietijd van uw leverancier eisen, bijvoorbeeld van drie jaar. De garantie moet reparaties en vervanging dekken, maar oo